Ga je je winkel
echt sluiten?”, vraagt ze, me verschrikt aankijkend vanonder haar regenhoedje.
De regen valt klaterend uit de lucht en vormt een rivier op het wegdek. De
goten slurpen luidruchtig. “Helaas kan ik je ook niet meer steunen”, zegt ze
spijtig, terwijl het water dat van haar jas druipt een plasje op mijn
winkelvloer vormt.
“Het pensioen van mijn man is gehalveerd! Zoiets is toch nog
nooit gebeurd, in geen enkel ander land? Nu willen ze beslag gaan leggen op
lonen en pensioenen van degenen die hun belastingen niet kunnen betalen. Dat is
toch geen democratie? Het is dictatuur! Als we dit geweten hadden, hadden wij
ons huis nooit gekocht, toen mijn man met pensioen ging. Nu hebben we iedere
maand moeite de hypotheek te betalen. Weet je waar we momenteel van leven? Van
het pensioen van mijn moeder, die bij ons inwoont. Het IMF heeft nu ook
openlijk toegegeven dat ze op het verkeerde spoor zitten met de
bezuinigingspolitiek. Alles gaat kapot hier, net als jouw winkel!”
Als Vassilis
bij de groothandel, waar we al jaren planten inkopen, aankondigt dat we de
winkel gaan sluiten, biedt de eigenaar wel drie maal zijn excuses aan.
“Uiteindelijk gaan alle goede winkels dicht, degenen die overal schulden hebben
blijven over. Wij hadden jullie veel meer moeten steunen”, zegt hij spijtig.
Zelf zou hij zijn handel ook liever sluiten, maar hij heeft schulden die hij
eerst zal moeten afbetalen.
Van onze collega winkeliers barsten er enkelen in tranen uit wanneer ze
horen dat we onze bloemenwinkel sluiten. Een groot gedeelte van de
middenstanders houdt zijn winkel - tegen beter weten in- open, een alsmaar
groter wordende schuld opbouwend aan huur, premies en vaak ook aan handelswaar.
Bij sommige winkels is de stroom of telefoon afgesloten vanwege achterstallige
betaling, toch blijft de eigenaar door ploeteren, op hoop van betere tijden, en
bij gebrek aan een andere keuze. Het is hun enige overlevingsstrategie. Hun
hoop wordt gevoed door enkele politici, zoals Samaras, die het licht aan het
einde van de tunnel al bij de jaarwisseling zag.
Betere tijden zijn aanstaande,
zegt ook topman Klaus Regling, van het Europese Stabiliteitsfonds, als Griekenland maar doorgaat met de hervormingen. Het land heeft
aanzienlijke vooruitgangen geboekt, en het ergste leed is geleden. Het zal nog
even duren voordat dit zichtbaar wordt voor het volk en de werkeloosheid zal
gaan dalen, verklaarde hij in een interview met een grote krant. Inderdaad is
de vooruitgang totaal onzichtbaar en lijkt Reglers optimisme volkomen
misplaatst: op het moment van het interview komen er in de private sector nog
30.000 mensen per maand op straat te staan en is de werkeloosheid tot bijna 30%
gestegen. “En wat ga je nu doen?”, vraagt iedereen die hoort dat we onze winkel gaan sluiten. Dat is nog onzeker. Maar, zoals een collega die een
maand geleden zijn winkel sloot zei: “Met die onzekerheid leef ik al jaren.” En
om een nieuwe deur te openen, moet je eerst de oude dichtdoen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten