Even puft ze uit
op een bankje. Haar hele hebben en houwen zit in de zwarte sporttas, die aan
haar voeten staat. In de nacht, vertelt ze, neemt ze buslijn 40. Ze slaapt dan
totdat het eindstation bereikt is. Dan stapt ze uit en neemt de eerstvolgende
bus, hetzelfde traject weer terug. Ze slaapt dan weer tot aan het eindstation.
Daarom is ze zo moe, legt ze uit. Ze komt nu iedere week bij het piepkleine,
Evangelische kerkje, gelegen aan een centraal plein in de stad, een maaltijd
halen. En koffie. Ze wil nu eindelijk even zitten, want ze is zo ontzettend
moe. Ze heeft geen idee dat de hele wereld zich gefocust heeft op de
ontwikkelingen op Cyprus. Kranten leest ze niet, druk met haar eigen overlevingstocht.
“Eindelijk heeft iemand laten zien dat je ook ‘nee’ kunt zeggen”, zegt de student
met het blauwe brilletje, op een bankje verderop. “Maar is het ook een
oplossing?,” vraagt de ander, plaatsnemend op een stapel boeken.” In ieder
geval is in Spanje, Portugal en vooral hier, in Griekenland bewezen dat de IMF
niet de oplossing is. Maar Cyprus heeft tenminste
zelf een keuze gemaakt, voor zover je het een keuze kunt noemen. De Griekse
regering heeft nooit een plan B gehad. Ze hebben zelfs nooit onderhandeld. Het
enige wat onze regering doet is ja-knikken richting Trojka”, reageert het brilletje
fel. “De Cypriotische regering probeert te onderhandelen, en heeft gekeken
welke mogelijkheden er waren. Zelfs Chrysostomos (de aartsbisschop van Cyprus) haalt uit naar de
Griekse regering, en zegt dat zij ook eens haar poot dwars moet zetten in het
hele ‘Trojka gebeuren’, en eindelijk moet gaan boren in de Egeische zee, zodat
we op eigen benen kunnen staan. Dat daar olie zit weten we allang, maar onze
regering is bang voor Turkije, die ook aanspraak op de oliebron maakt. Maar je
ziet: er bestaat altijd een plan B.”
Alkinoo Johannidis, zanger, omschijft waarom Grieken met zoveel
bewondering naar hun broeders op Cyprus kijken: “Het ‘nee’ van het Cypriotische parlement is
belangrijker dan velen vermoeden. Zelfs wanneer het Parlement daarna terugkeert
naar de Trojka en voor hen op de knieen valt. Want al was het maar een moment,
even leek het erop dat de democratie betekenis had. Een betekenis die decennialang
was vergeten. Het leek alsof de vertegenwoordigers van het volk werkelijk
vertegenwoordigers waren. Dit moment is vastgelegd, een precedent scheppend,
hoe het verder ook zal lopen.”
Leden van
de ‘Spitha’ beweging demonstreerden afgelopen maandag, tijdens de parade van de
nationale Onafhankelijkheidsdag op het Syndagmaplein. Ze riepen leuzen om
Cyprus te steunen, deelden flyers uit met anti-regerings uitspraken, zoals het
verwijt ‘het land te onderwerpen aan de wens van de Duitsers.’ Enkele vrouwen,
gehuld in de nationale tweekleur, verweten M.E.ers ‘leden van de nieuwe Junta ,die ons nu regeert’,
te verdedigen. Het plein werd bewaakt door 4000 leden van verschillende
militaire eenheden, uit angst voor onrusten. De studenten staan op van hun
bankje, nog steeds druk in discussie. De dakloze vrouw op het andere bankje is
in diepe slaap.